De kracht van onze bankkaart

De Standaard*, Ma. 04 Mei 2020, Pagina 28

Catherine Vuylsteke wijst op covid-19-trackers waarmee je kunt uitvlooien welke merken hun stiksters in de steek lieten.

Als alles meezit, kunnen we op 11 mei weer naar de winkel. Voor een nieuwe jeans, een leuk bloesje, een jurk om straks mee uit te pakken bij de vrienden. Het valt nog af te wachten of het storm zal lopen, en er op drukke plaatsen eenrichtingsverkeer voor voetgangers komt. Sommige winkeliers hopen op een opstoot van ‘wraakkopen’, als reactie op vele weken ophokplicht. Bij Chinese consumenten, die eerder weer uit winkelen konden, gebeurde dat alvast niet. Ze hielden de knip op de beurs, het zijn onzekere tijden.

Ik moet denken aan Farjana (30), die een paar dagen geleden zei dat de toekomst met covid-19 besmet raakte en nu in een comateuze toestand verkeert. We spraken elkaar via Whatsapp, waardoor Bangladesh geen Verweggistan is, maar de andere kant van de lijn. Bijna vijftien jaar lang heeft Farjana in de belangrijkste exportindustrie van het land gewerkt, de textielsector die goed is voor 80 procent van de buitenlandse deviezen. Bij Anzir Apparel Ltd, op anderhalf uur van de hoofdstad Dhaka. Ze werkte twaalf uur per dag, zeven dagen in de week, voor een maandloon van iets meer dan 100 euro.

Hoe ver je daarmee springt? De huur van de kamer die ze deelt met haar drie kinderen, haar echtgenoot en haar moeder kost alles samen bijna 50 euro. Dat lukte, zei ze, toch als haar man, die als dagloner werkte, betere dagen had en zelf ook zo’n 100 euro verdiende. Nu zit hij op zwart zaad. In de afgelopen anderhalve maand viel er geen enkel baantje te versieren. 24 maart was ook Farjana’s laatste werkdag. De voorman had het over grote moeilijkheden en bestellingen van westerse merken die ter elfder ure geannuleerd werden. Force majeure, zonder meer. Twee dagen later ging het hele bedrijf dicht.

Farjana zuchtte diep, op de achtergrond jengelde de baby. De maand maart werd uitbetaald, voor april is een overheidsoverbrugging van zo’n 60 euro beloofd maar op die centen is het wachten. De voedselpakketten van een ngo behoedden de familie voor de honger, maar de huishuur betalen lukte niet.

Of Anzir Apparel Ltd dezer dagen andermaal zijn deuren opent, is nog onduidelijk. En dan nog. Krijgt Farjana haar baan terug, maakt ze binnenkort weer Takko-sweaters? Hebben deze rurale migranten straks überhaupt nog een dak boven het hoofd? Zoals Farjana zijn er 2,2 miljoen mensen in Bangladesh, zeven op de tien zijn vrouwen. Tot een paar weken geleden stikten ze de kleren die u en ik voor een prikje op de kop tikken, onlangs werden ze wandelen gestuurd.

Bloeddiamant

In Turkije is het niet anders, vertelde Bego Demir, die als vijftienjarige Koerdische jongen in een jeansfabriek in Istanbul terechtkwam. Het ondertussen verboden procedé van zandstralen bezorgde hem een decennium geleden een stoflong, sindsdien ijvert hij voor betere arbeidsrechten en werkomstandigheden.

Turkije is de vijfde grootste textiel­exporteur ter wereld, met 1 miljoen officiële werknemers en twee keer zoveel informele. Die eersten werken voort en hopen niet besmet te raken, de rest staat zonder meer op straat. Vreemd toch, zei Bego me, dat onze arbeiders wel delen in de verliezen van de confectiereuzen maar nooit in hun winsten.

Ik weet het, covid-19 is een pandemie van tragische verhalen, die hier evengoed toesloeg als elders. Dit is ontreddering 2.0. In bijna alle opzichten, de luchtkwaliteit en nog zo’n paar dingen uitgezonderd. Alleen, het perspectief verschilt grondig. Het onze is dat van de onvolkomen democratische welvaartsstaat, dat van Farjana, Bego en vele miljoenen anderen is er een van naakt kapitalisme, en politieke leiders die geen knip voor hun neus waard zijn.

Moeten die verhalen nu? Wil ik het ­winkelplezier van mijn landgenoten per se bederven door de aanschaf van een belachelijk goedkoop kledingstuk te laten lijken op die van bloeddiamant? Ach, zich bezinnen over hersenloze consumptie kan nooit kwaad. En fast fashion is zonder meer verfoeilijk. Op de aandeelhouders na dient het niemand, dat almaar hogere ritme van ­modetendensen ­tegen rock bottom-prijzen. Het maakt u noch ik sympathieker, slanker, interessanter of begeerlijker. Reken dan liever op een gezond dieet, een fikse wandeling of een hometrainer voor een mooiere huid en strakkere billen.

Strenge controles

We zijn niet machteloos, laat de pandemie een kans zijn op beter. Als de Europese Commissie strenge controles kan uitvoeren op de kwaliteit van geïmporteerd voedsel of de herkomst van tropisch hout, zou ze er – als wij dat willen – evengoed over kunnen waken dat de ingevoerde kleren echt duurzaam en sociaal rechtvaardig worden gemaakt. Schrikbarend duur hoeven jurken en broeken daardoor niet te worden. Als je de lonen van alle werknemers in alle stadia van de keten optelt, kom je niet hoger dan tien procent van de prijs. De rest gaat naar de merken, die ook met iets minder winst zouden overleven.

En wat ondertussen? Met de covid-19-tracker van websites als workersrights.com kun je perfect uitvlooien welke merken hun stiksters in de steek lieten of juist enig fatsoen toonden en hun contractuele verplichtingen nakwamen. Stel uw koopgedrag daarop af. De klant is immers nog steeds koning. Naar Farjana luistert geen kat, onze bankkaart heeft wel een onmiskenbaar gewicht. Het is niet de pandemie die ons naar een dystopische wereld katapulteerde. Farjana en Bego zaten altijd al aan de foute kant, daar waar de klappen vallen. Covid-19 heeft die realiteit alleen op scherp gesteld.